Accueil  |  Forum  |  Contact  |  Connexion
 
 
 

Sources

 

« précédent [ persartikel ] [ 4/11/1998 ]

De wetenschap volgens minister Marcel Colla


04/11/1998 - De Morgen - 'Als de minister nu gaat suggereren dat alle medische faculteiten en academici samenspannen om de inkomsten van de artsen veilig te stellen, begint zijn argumentatie de vorm aan te nemen van een wel erg vergezochte complottheorie' 

Naar alle waarschijnlijkheid zal het wetsontwerp van minister van Volksgezondheid en Pensioenen Marcel Colla (SP) betreffende de erkenning van vier zogenaamde 'niet-conventionele geneeswijzen' over afzienbare tijd in het parlement worden besproken. Onlangs presenteerden de beide Koninklijke Academies voor Geneeskunde en de medische faculteiten van dit land hierover een rapport. Volgens dit rapport zijn er momenteel geen goede redenen om de vier alternatieve geneeswijzen - homeopathie, acupunctuur, chiropraxie en osteopathie - te erkennen. Zowat alle wetenschappelijk verantwoorde studies tonen aan dat hun resultaten ofwel niet overtuigend zijn, ofwel niet verschillen van die van een placebo, ofwel negatief zijn. Bovendien kunnen ze in sommige gevallen zelfs gevaarlijk zijn voor de gezondheid. Deze conclusies kunnen hard klinken, maar zijn weinig verrassend. 

Typerend voor de alternatieve geneeswijzen is dat hun werkzaamheid vooralsnog niet of onvoldoende wetenschappelijk is bewezen. Was dat wel het geval, dan zouden ze niet langer alternatief of 'niet-conventioneel' zijn. De geneeskunde is, zoals elke wetenschappelijke discipline, open en niet-dogmatisch: wanneer van nieuwe behandelingsmethoden of medicijnen experimenteel kan worden aangetoond dat ze werkzaam zijn, dan worden ze aanvaard en toegepast. De minister en zijn kabinet - zo blijkt uit krantenartikelen en radio- en tv-berichten - waren er bijzonder snel bij om de conclusies van voornoemd rapport van tafel te vegen. "Ze hebben gevonden wat ze zochten. Dit was een doelgericht onderzoek, met een politieke bijbedoeling, geen wetenschappelijk werk", aldus het kabinet van Colla in De Standaard van 22 oktober 1998. 

In De Morgen van 23 oktober doet de minister er nog een schepje bovenop en beweert hij dat de decanen van de medische faculteiten "in de literatuur die passages zijn gaan uitzoeken die hen goed uitkomen". Vanaf het begin heeft de minister alle kritiek vanuit medische hoek op zijn wetsontwerp inzake de alternatieve geneeswijzen afgedaan als een poging van de artsenlobby om de eigen belangen te verdedigen. Gegeven het feit dat belangengroepen - ook die van de alternatieve genezers - zichzelf verdedigen, is dat niet helemaal onterecht. Als de minister nu echter gaat suggereren dat alle medische faculteiten en academici samenspannen om de inkomsten van de artsen veilig te stellen, begint zijn argumentatie de vorm aan te nemen van een wel erg vergezochte complottheorie. 

Overigens willen we erop wijzen dat het rapport zich ook kant tegen artsen die nu al alternatieve geneeswijzen beoefenen. Bovendien is de bewering van de minister dat medische wetenschappers bepaalde passages uit de wetenschappelijke literatuur verzwijgen een zware beschuldiging. Kan de minister ons uitleggen om welke passages het gaat? Het rapport pleit niet onvoorwaardelijk tegen erkenning, maar vindt dat ze er moet komen op basis van wetenschappelijk onderzoek. Een visie die blijkbaar niet helemaal wordt gedeeld door Colla. Toen hij in oktober 1997 zijn voorontwerp van wet voorstelde, vond hij al dat hij niet kon wachten op de uitslag van het zoveelste onderzoek. Een jaar later zegt de minister zich te willen beroepen op de Europese studie Cost B4, die werd gemaakt door een commissie van zowel aanhangers als critici van alternatieve geneeswijzen. Een lovenswaardig standpunt, ware het niet dat de minister hier nogal hard van stapel loopt. 

In het al vermelde krantenartikel in De Morgen (23 oktober 1998) lezen we: "Colla weet zich wel gedekt door een Europese aanbeveling om tot erkenning te komen". Vreemd. Ten eerste dringt het Europees Parlement aan op erkenning van alternatieve geneeswijzen, maar enkel en alleen als hun werkzaamheid bewezen is. Wie is hier selectief met passages die hem goed uitkomen? Ten tweede had minister Colla zijn wetsvoorstel reeds klaar nog voor de Cost B4-studie werd gepubliceerd. Nu we de studie kunnen inkijken wordt duidelijk dat de conclusies ervan geen erkenning rechtvaardigen. Er blijkt niet voldoende bewijs te bestaan voor de werkzaamheid van de alternatieve geneeswijzen, afgezien dan van die van een zeer beperkt aantal specifieke behandelingsmethoden. Er is enkel sprake van positive trends, niet van convincing evidence (Cost Action B4, Unconventional Medicine, ref. EUR 18420 EN). 

Wetenschap is een proces van vallen en opstaan, waarbij dwalingen en misleidingen uiteraard voorkomen. Geen enkele instelling of groep van geleerden heeft de waarheid in pacht. Ook ten aanzien van de klassieke geneeskunde moeten we kritisch blijven. Maar de problemen in de geneeskunde los je zeker niet op door de eis van wetenschappelijke fundering overboord te gooien. Het wetsontwerp van de minister heeft tot doel vier geneeswijzen te erkennen zonder dat ze hun doeltreffendheid nog moeten aantonen. Terwijl elk nieuw geneesmiddel, elke nieuwe behandelingsmethode in de klassieke geneeskunde pas wordt toegelaten na een uiterst grondig wetenschappelijk onderzoek, worden medicijnen en behandelingswijzen in de vier alternatieve geneeswijzen van die doeltreffendheidscontrole ontslagen, juist omdat zij tot die alternatieve geneeswijzen behoren. 

Erkenning zal overigens als gevolg hebben dat de beoefenaars van deze vier alternatieve geneeswijzen niet meer ter verantwoording kunnen worden geroepen. We kunnen ervan op aan dat het dan in koor zal luiden: wat we doen is wetenschappelijk, omdat het door de overheid erkend is. De vraag dringt zich dan ook op: wie zal de verantwoordelijkheid willen dragen voor voorspelbare ongelukken? Om een voorbeeld aan te halen dat zich werkelijk heeft voorgedaan: als iemand een homeopathisch middel kiest ter preventie van malaria en vervolgens toch besmet raakt, wie is dan aansprakelijk? Ook de selectie van de vier voornoemde alternatieve geneeswijzen getuigt van opmerkelijke willekeur. Waarom deze vier en niet de vele andere alternatieve geneeswijzen? Omdat ze het populairst zijn? Blijkbaar wel, aangezien minister Colla ze de marktleiders noemt. Dat betekent dat we binnenkort ook handoplegging moeten erkennen en reglementeren indien zou blijken dat steeds meer mensen soelaas zoeken in dit soort geneeskunde. 

Als populariteit een criterium wordt, dan is het hek helemaal van de dam. Onderzoek wijst trouwens uit dat alternatieve geneeswijze zich kan verheugen in een aantal tevreden klanten. Bovendien willen we erop wijzen dat homeopathie, acupunctuur enz., niet bestaan. Welke vorm van homeopathie, acupunctuur enz. wil de minister erkennen, wetend dat er voor deze geneeswijzen geen duidelijke wetenschappelijk gefundeerde normen bestaan? We wensen de minister (en al zijn opvolgers) veel succes toe met het ontwarren van dit ons inziens onontwarbare kluwen. Dit neemt niet weg dat alternatieve behandelingsmethoden in de toekomst kunnen worden erkend, maar dan pas als er ondubbelzinnig bewijs bestaat dat ze werkzaam zijn. 

Ondergetekenden, beroepshalve geïnteresseerd in wetenschap, maar ook artsen, maken zich ernstig zorgen over het feit dat een politieke overheid zich uitspreekt over de geldigheid van wetenschappelijk onderzoek. Met deze open brief willen we er nogmaals aan herinneren dat het niet aan de politici, maar wel aan de wetenschappers toekomt uit te maken welke behandelingsmethoden wetenschappelijk verantwoord zijn en welke niet.


Bron : www.demorgen.be 

Auteur : jb


   
webdesign artMania nederlandsfrançais